Visie op zorgvastgoed

20 november 2013

Rijksbouwmeester Frits van Dongen vindt dat kleinschaligheid en herbestemmen voorop moet staan bij het denken over zorgvastgoed. Ziekenhuizen zouden zich eigenlijk het beste helemaal niet met de ontwikkeling van gebouwen moeten bezighouden, dat kunnen ze beter aan de professionals overlaten.

Althans, dit was in grote lijnen de strekking van zijn betoog in discussie met mijn collega Femke Feenstra in het radioprogramma BNR Gezond op 8 oktober j.l. Maar Nederlandse ziekenhuizen doen het helemaal niet slecht als vastgoedontwikkelaars. Niet voor niets is er enorm veel belangstelling vanuit het buitenland voor onze aantrekkelijke, vernieuwende en flexibele ziekenhuizen. De ziekenhuizen moeten ook wel flexibel zijn, ze hebben de afgelopen jaren te maken gehad met een baaierd aan ingrijpende ontwikkelingen. Het aantal algemene ziekenhuizen is in rap tempo afgenomen van meer dan 150 rond 1990 naar minder dan 100 nu; in twintig jaar is bovendien de gemiddelde ligduur in een ziekenhuis gehalveerd; de budgettering en het bouwregime zijn losgelaten; DBC’s zijn ingevoerd en daaroverheen is nog eens een economische crisis geraasd.

Individuele ziekenhuizen zijn een stuk kwetsbaarder geworden dan twintig jaar geleden. Net als banken kunnen ze heel snel in de problemen komen als de klanten, danwel de patiënten, massaal weglopen. Kleinschaligheid is dan niet echt een optie, de toekomst voor de Nederlandse ziekenhuizen ligt meer in grote, sterke zorgcombinaties die een ruim aanbod van verschillende specialismen op verschillende locaties aanbieden. Onder druk van het economisch tij zien we dan ook steeds meer grotere zorgorganisaties in Nederland ontstaan. Alleen zij zijn opgewassen tegen de schommelingen in het patiëntenaanbod en de voortdurende kostenstijgingen. En dat mede door zelf een goed uitgekiend vastgoedbeleid te volgen.

Met een mix van oudere en nieuwe ziekenhuisgebouwen, gedeeltelijk gehuurd en gedeeltelijk in eigendom, is een grote ziekenhuisorganisatie beter in staat om te vernieuwen, uit te breiden en af te stoten dan een klein ziekenhuis dat eens in de dertig jaar een volkomen nieuw gebouw neer moet zetten. In dat laatste geval kunnen de financieringslasten het ziekenhuis flink parten spelen. Bij enkel huur of lease zit het ziekenhuis daarentegen ook vaak voor tientallen jaren aan contracten vast en is de flexibiliteit in het aanbod van de zorg ver te zoeken. Gezien de al enorme verschuivingen in de zorg van de afgelopen twintig jaar is dat geen goede strategie.

Zelf blijven investeren in mooie, humane, veelzijdige en goed aanpasbare gebouwen met een duidelijke eigen visie op de zorgverlening, is in de afgelopen roerige twintig jaar een goede keuze geweest en dat zal naar mijn mening voorlopig ook zo blijven. Dat wij de ziekenhuisorganisaties bij de uitvoering daarvan graag helpen, spreekt daarbij natuurlijk vanzelf!

Roelof Gortemaker

Voor meer informatie kunt u het interview van 8 oktober 2013 met Femke Feenstra en Rijksbouwmeester Frits van Dongen beluisteren op http://www.bnr.nl/radio/bnr-gezond.


Deel dit project